FIJNE MOTORIEK

Kleutervaardigheden zoals knippen, kleuren, tekenen, vouwen en bouwen helpen een kind bij het ontwikkelen van zijn/haar voorkeurshand en zijn/haar fijne handmotoriek. Deze ontwikkeling verloopt niet vanzelf, er is oefening voor nodig. Kleuters die moeite hebben met het uitvoeren van fijn motorische taken zullen deze taken veelal niet leuk vinden en gaan ontwijken. Dit kan een indicator zijn voor eventuele schrijfproblemen in groep 3.

Schrijfproblemen
Schrijfproblemen uiten zich in een slecht leesbaar handschrift, maar ook in een foutieve pengreep, een traag tempo en/ of schrijfkramp. Het schrijven vraagt dan te veel energie van het kind en wordt als belastend ervaren. Een vroegtijdige signalering en interventie voorkomt dat het kind gefrustreerd raakt of achter gaat lopen met de lesstof.

Bij Kinderergotherapie Utrecht komen kinderen die:

  • moeite hebben een actieve zithouding aan te nemen en/of vast te houden
  • nog niet (volledig) gelateraliseerd zijn
  • (nog) moeite hebben met het vasthouden van een potlood, schaar, pen
  • moeite hebben met kleuren binnen de lijnen
  • moeite hebben met knippen op een lijn
  • moeite hebben met prikken
  • moeite hebben met vouwen
  • moeite hebben met (voorbereidend en aanvankelijk) schrijven
  • moeite hebben met het hanteren van bestek
  • moeite hebben met veters strikken

Het lateralisatieproces
Dit is een rijpingsproces van de hersenhelften, waarbij iedere helft zich specialiseert in zijn eigen specifieke functies. Daarbij wordt één helft de dominante/leidende helft, zodat alle hersenprocessen efficiënt en in samenwerking met elkaar kunnen verlopen. Een onderdeel vormt de ontwikkeling van een handvoorkeur. Het proces van lateralisatie is een ingewikkeld proces waarbij in een normale ontwikkeling voor het 7e jaar duidelijk vaststaat welke hand de voorkeurshand is.

Als de lateralisatie niet optimaal ontwikkelt, kan een kind lang blijven wisselen van handvoorkeur of ontstaat er verwarring over de bewegingsrichting. Dit geeft problemen bij lezen, schrijven, spelling en rekenen. Kinderen laten dan spiegelingen zien zoals d-b-p, 6-9, maar ook omkeringen zoals eu-ue, 31-13 en het omkeren van woordjes maar-raam. Bij een goede intelligentie komen kinderen een heel eind in het leerproces, maar omdat op deze manier geen automatismen ontstaan, wordt het bij het toenemen van de eisen in de hogere groepen steeds moeilijker het lesprogramma te volgen. Het tempo blijft lager en er is meer energie nodig dan je zou verwachten bij zijn of haar capaciteiten.
Daarnaast blijft het structureren, organiseren en plannen van taken vaak lastig.

‘Schrijven’ is een complexe vaardigheid, waar heel veel ontwikkelingsprocessen bijeenkomen, zoals de motoriek, visuele waarneming, organisatievermogen en concentratie. Dit moet uiteindelijk leiden tot een geautomatiseerde vaardigheid, zodat je je kunt richten op de inhoud van wat je wilt schrijven en niet op hoe je het schrijven aanstuurt.